Home // REM slaap // Neurotransmitters

REM slaap: Neurotransmitters


De honderden miljarden zenuwcellen in onze hersenen geven berichten door met behulp van bepaalde stofjes: neurotransmitters. Een neurotransmitter is een stofje Neurotransmittertussen twee zenuwcellen dat het elektrische signaal doorgeeft van de ene naar de andere zenuwcel. Dat betekent: de ene cel activeert de andere cel. Een neurotransmitter kan ook die elektrische activiteit juist blokkeren. In dat geval zorgt de eerste zenuwcel er juist voor, dat de tweede zenuwcel niet actief wordt.
Onze hersenen bestaan uit ontzettend veel van die zenuwcellen, en er zijn ook meerdere soorten neurotransmitters tussen al die cellen. Al met al hebben wij dag in dag uit – als je deze tekst aan het lezen bent bijvoorbeeld – een gigantische hoeveelheid actieve zenuwcellen die andere zenuwcellen weer actief of juist inactief maken. En aangezien al die zenuwcellen hun berichten doorgeven via neurotransmitters, zijn er dus ook nogal wat van die neurotransmitters actief in onze hersenen. De hele dag – en nacht – door.

Nu zijn er twee groepen neurotransmitters die van belang zijn bij informatieverwerking en in het bijzonder bij aandacht, doelgerichte activiteit en inzicht. De ene groep neurotransmitters wordt de ‘aminen’ genoemd (voorbeelden van de fantasierijke namen van neurotransmitters in deze groep zijn dopamine, serotonine, norepinefrine, noradrenaline); de andere groep neurotransmitters wordt de ‘cholinen’ (hier gaat het bijvoorbeeld om acetylcholine) genoemd. Dit zijn dus specifieke soorten neurotransmitters. Beide groepen neurotransmitters zijn zowel overdag als ’s nachts actief, maar overdag zijn de aminen juist actiever, en tijdens dromen zijn juist de cholinen actiever. Dat is voor ons van groot belang.
Overdag verwerken we veel informatie uit de buitenwereld, de hele dag door. Deze logische manier van informatieverwerking wordt mogelijk gemaakt doordat in onze hersenen de aminen actiever zijn dan de cholinen. Deze overhand van de aminen zorgt ervoor dat we overdag zaken doelbewust aandacht kunnen geven, gerichte acties kunnen ondernemen en goed kunnen reagerenOverzicht op nieuwe informatie. Dankzij deze aminen zijn we overdag in staat om helder en logisch na te denken en te handelen.
 
Tijdens de REM slaap
Aan het einde van een slaapcyclus verkeren onze hersenen in een lich
t slaapstadium: stadium één of twee. Op een gegeven moment beginnen er bepaalde hersencellen in een gedeelte van de hersenstam zeer actief te worden (dat gebied heet de Pons). De hersenstam zit boven in de nek en is evolutionair gezien een van de oudste hersengebieden.

Op dat moment krijgen de cholinen ineens de overhand op de aminen: het REM stadium start. Dit zorgt voor een heel andere manier van informatieverwerking, die kenmerkend is voor dromen. In plaats van de actieve, op de buitenwereld gerichte informatieverwerking die we overdag hebben (zoals bijvoorbeeld bij het kopen van een tijdschrift), sluiten onze hersenen zich juist af van de buitenwereld. Ze richten zich niet meer op externe beelden (het tijdschrift in de boekhandel) of externe geluiden (de stem van de verkoper die de prijs noemt) of andere externe sensaties (bijvoorbeeld het geld dat je in je handen voelt) maar op interne beelden, geluiden en andere sensaties.Hersenen

Dankzij die cholinen zitten onze hersenen tijdens REM slaap in een zogenaamd gesloten systeem: de hersenen verwerken alleen nog maar informatie die door onze eigen hersenen wordt gemaakt. Daardoor zien we in een droom een omgeving die er niet is en zien en horen we ook echt andere personen die er niet zijn. Dit is allemaal informatie die uit onze eigen hersenen komt. De buitenwereld heeft er niets mee te maken, want als we dromen liggen we in bed te slapen. Tijdens REM slaap zijn onze hersenen volledig in zichzelf gekeerd.

Lees verder